Tweede Kamer debatteert over dieren in de veehouderij

Op donderdag 23 april werd in de Tweede Kamer gedebatteerd over dierenwelzijn in de veehouderij. Renate den Hollander pleitte namens de VVD voor duidelijke regels, goede handhaving en een aanpak die in de praktijk uitvoerbaar is voor boeren en andere ondernemers in de keten.

Den Hollander is zelf dierenarts en voert namens de fractie het woord voor onder meer dieren, landbouw en natuur.

Haar inbreng in het debat sloot aan op onze inzet binnen de partij. Met onze amendementen op verkiezingsprogramma’s en werkbezoeken met Tweede Kamerleden — zoals in maart aan Zonvarken — hebben de Liberale Dierenvrienden dierenwelzijn binnen de VVD op de agenda gezet. Thema’s zoals een dierwaardige veehouderij, strengere handhaving, cameratoezicht in slachthuizen en het terugdringen van dierenleed tijdens transport keren inmiddels duidelijk terug in het politieke debat én in beleid.

Een concreet voorbeeld is de verlaging van de maximumtemperatuur voor diertransport van 35 naar 30 graden. Dat stond in 2025 in het VVD-verkiezingsprogramma dankzij een amendement van Pieter Stroop van Renen en krijgt nu opvolging. Daarbij kiest staatssecretaris Silvio Erkens (VVD) voor een combinatie van verhoging van welzijnsnormen en realisme in de uitvoering: ondernemers krijgen tot april volgend jaar de tijd om aanpassingen te doen voordat de temperatuurgrens wordt verlaagd.

Ook op het gebied van toezicht worden stappen gezet. Cameratoezicht in alle slachthuizen, in gang gezet onder het vorige kabinet, wordt door Erkens uitgebreid met verplicht cameratoezicht in veeverzamelplaatsen die betrapt zijn op een overtreding. Ook belooft hij strengere handhaving door de NVWA. Daarmee groeit het besef dat regels alleen waarde hebben wanneer ze ook daadwerkelijk gecontroleerd en gehandhaafd worden. Renate:

Als je niks te verbergen hebt, ben je ook niet bang voor cameratoezicht.

Daarnaast kwam in het debat de bredere ontwikkeling richting een dierwaardige veehouderij aan de orde. Wat ons betreft gaat deze discussie niet alleen over technische normen, maar ook over de fundamentele vraag hoe dieren gehouden worden en in hoeverre zij hun eigen gedrag kunnen vertonen in systemen van de mens. Zoals Renate het verwoordde:

Niet het dier aanpassen aan het systeem, maar het systeem aan het dier. Zodat dieren een ‘life worth living’ kunnen gaan hebben.

Ook hier kiest de VVD voor ambitie op dierenwelzijn; dat de veehouderij in 2040 dierwaardig moet zijn, is immers te danken aan een gezamenlijk amendement van D66 en VVD op de Wet dieren. Met oog voor uitvoerbaarheid, innovatie en het toekomstige concurrentievermogen van de Nederlandse landbouw en veehouderij. Boeren moeten het wel kunnen doén. Daarom wil Erkens normen en doelen tussen nu en 2040 stapsgewijs verhogen.

De transitie naar een dierwaardige veehouderij in Nederland biedt ook kansen om onderscheidende producten in de Europese markt te zetten, hield hij Kamerleden voor. Ook in bijvoorbeeld België en Duitsland neemt de vraag naar dierwaardige producten toe.

Het debat op 23 april was voor ons een bevestiging dat dieren al lang geen niche-onderwerp meer zijn binnen onze partij. Net als Renate kijken wij — met spanning — uit naar de Algemene Maatregelen van Bestuur voor de dierwaardige veehouderij waar momenteel op het ministerie aan wordt gewerkt en welke ‘rond de zomer’ door de staatssecretaris gepubliceerd zullen gaan worden.

Met de Liberale Dierenvrienden, Tweede Kamerleden zoals Renate en een VVD-staatssecretaris werken we stap voor stap verder aan een sterk liberaal verhaal over dierenwelzijn!

Inbreng van Renate den Hollander tijdens het commissiedebat Dieren in de veehouderij en NVWA van donderdag 23 april