Zaterdag was het tweede VVD-verkiezingscongres op rij waar dierenvrienden met succes amendementen verdedigden om het programma voor de Tweede Kamerverkiezingen diervriendelijker te maken.
In de aanloop naar het congres was veel werk verzet bij het gezamenlijk opstellen, indienen en verdedigen van amendementen in de VVD-regio’s Noord-Holland, Utrecht en Zuid. Een aantal amendementen werden in online deelsessies voorafgaand aan het congres door de verkiezingsprogrammacommissie overgenomen. Of de indieners gingen akkoord met het overnemen van de ‘strekking’.
Zo is investeren in dierwaardige en duurzame viskweek aan het programma toegevoegd dankzij een amendement van Hans Niemeijer. Ook het verlagen van de maximumtemperaturen van diertransporten staat weer in het programma dankzij een amendement van Pieter Stroop van Renen. De Tweede Kamerfractie steunde in oktober vorig jaar een motie om de temperatuurgrens voor diertransporten te verlagen van 35 naar 30 graden Celsius, maar minister van Landbouw Femke Wiersma (BBB) heeft deze verlaging nog altijd niet doorgevoerd.
Een verwijzing naar vleermuizen in het kader van woningbouw wordt uit het programma geschrapt. We delen allemaal de wens om meer huizen te bouwen, maar vleermuizen worden niet voor niets ‘strikt beschermd’. Ze voorkomen plagen van muggen en andere insecten die bijvoorbeeld ook schadelijk kunnen zijn voor gewassen. Ze krijgen maar één jong per jaar, waardoor het lang kan duren voordat populaties zich herstellen.
Een vergelijkbare verwijzing naar hagedissen en salamanders wisten we helaas niet uit het verkiezingsprogramma te krijgen.
Verbod op onverdoofde slacht


Op het congres in Den Bosch steunde 72 procent van de leden een amendement van Tim Reysoo om het onverdoofd koken en slachten van dieren te verbieden. Nadrukkelijk ook rituele slacht, waar de VVD eerder een uitzondering voor maakte.
De Tweede Kamerfractie steunde vorig jaar al een verbod op het levend koken van krabben en kreeften. Maar dat is er nog niet van gekomen. De staatssecretaris, Jean Rummenie (BBB), wil wachten totdat er een ‘werkbaar’ alternatief is voor de horeca, zoals een elektrische stunner.
Voor de meeste andere dieren is bedwelming voor de slacht al verplicht. Behalve als dieren volgens religieuze riten worden geslacht.
Zo’n uitzondering voor islamitische en joodse slacht is niet liberaal, zei Tim zaterdag. Religieuze overtuiging is voor VVD’ers immers ook geen reden om antisemitisme, homohaat of vrouwenbesnijdenis toe te laten. Waarom dan wel dierenleed?
Alleen al tijdens het Offerfeest worden in Nederland jaarlijks zo’n 8.000 geiten, runderen en schapen halal en onverdoofd geslacht. Er is in Nederland geen koosjer slacht meer; de laatste koosjer slager stopte vorig jaar.
Plofkippen en eendagskuikens


Pieter, die van het verkiezingscongres twee jaar geleden 67 procent steun kreeg om zieke en verwaarloosde dieren onmiddellijk in beslag te nemen bij fokkers en veehouders, wist deze keer wederom een weliswaar kleinere meerderheid van 53 procent achter zich te krijgen om in het programma op te nemen:
Het fokken van plofkippen, het couperen van varkensstaarten en het doden van eendagskuikens is niet meer van deze tijd.
In Nederlandse supermarkten ligt geen vlees meer van ‘plofkippen’: vleeskuikens die zo snel groeien dat ze binnen vijf tot zes weken bezwijken onder hun eigen gewicht. Fastfoodketens en restaurants kopen nog wél plofkippen in. En er worden plofkippen gehouden voor de export.
In 2023 ging het om 55 procent van de vleeskuikens in ons land, blijkt uit cijfers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland die in 2024 werden opgevraagd door Wakker Dier.


Het ‘couperen’, oftewel afbranden of afknippen, van biggenstaarten is in 1998 verboden, maar wordt nog steeds op grote schaal gedoogd. Slechts 1 procent van de varkens in Nederland heeft een staart.
Tijdens het vorige verkiezingscongres, in Rotterdam, steunde 67 procent van de leden een amendement van Manon Stevens om onnodige lichamelijke ingrepen bij dieren niet langer door de vingers te kijken. Minister Wiersma wil echter pas in 2030 overgaan tot handhaving. En alléén als dan uit een ‘evaluatie’ blijkt dat het niet al te grote economische gevolgen heeft voor de varkenssector. Wij willen gewoon dat de wet wordt gehandhaafd, en niet misschien over vijf jaar.
Duitsland en Frankrijk hebben het doden van eendagshaantjes in 2022 en 2023 verboden. Dat zijn de mannelijke kuikens van leghennen, die in de eiersector geen waarde hebben. Daarom worden ze binnen 72 uur vergast. Met moderne technieken kan het geslacht van een kuiken al in het ei worden bepaald, en kan de geboorte van eendagskuikens worden voorkomen. Eieren zouden 1,15 eurocent duurder worden, oftewel 13,8 eurocent per dozijn.
In Nederland is afgesproken om in 2026 te stoppen met het doden van eendagskuikens van leghennen die eieren produceren voor de Duitse en Nederlandse markt. Dat scheelt 6 tot 7 miljoen dode kuikens per jaar. Maar er worden nog twee keer zoveel — circa 15 miljoen — kuikens gedood van leghennen die voor andere markten produceren. Bijvoorbeeld eieren voor verwerking in gebak, mayonaise en pasta.
Import van bont


Ook helaas nog steeds niet achterhaald is bont. Veel mensen denken dat alle ‘bont’ in de winkel inmiddels nep is. Ook VVD’ers, bleek tijdens de digitale voorbehandeling van een amendement van Michael van Os de Man. Nederland heeft de pelsdierhouderij in 2021 verboden. Maar we importeren nog steeds bont, vooral uit China. Zelfs ‘nepbont’ komt vaak uit dat land, waar ze het niet zo nauw nemen met de regels.
Na een succesvol burgerinitiatief ‘Fur Free Europe‘ dat door meer dan anderhalf miljoen Europeanen werd ondertekend, is de Europese Commissie een wetsgevingstraject gestart dat kan leiden tot een importverbod op bont. Het Nederlandse kabinet is voorstander. Buiten de EU heeft Zwitserland de bontimport dit jaar verboden. De Labourpartij in het Verenigd Koninkrijk werkt aan een wetsvoorstel om hetzelfde te doen.
Binnen de VVD was niet alleen steun vanuit Liberale Dierenvrienden, maar ook vanuit het thematische netwerk LNV om het voorbeeld van de Zwitsers en Britten te volgen. Vanuit de gedachte dat we niet zouden moeten importeren wat we hier niet mogen produceren.
Zo’n algemene zin komt echter óók in het verkiezingsprogramma. Daarom vond de programmacommissie het overbodig om bont specifiek te noemen. 61 procent van de leden gingen zaterdag in die redenatie mee.



